#radiomaker #televisiemaker #journalist #BNN University 2012 #radio 1 #schrijft ook #wielrennen is het allermooiste
Vanuit Washington vertelde ik in de Coen en Sandershow op 3FM hoe er naar de Amerikaanse verkiezingen wordt toegeleefd.
Half twaalf. Van alle kanten stroomt het plein voor het Witte Huis in Washington vol met mensen. Ze rennen, juichen, gillen, springen en dansen. Hun Barack Obama is herkozen als president van de Verenigde Staten. Wat hieraan voorafging? Een dag om niet snel te vergeten.
08:00
Op een vervallen parkeerterrein, slechts drie metrohaltes verwijderd van het Witte Huis, is het al vroeg druk. Hier verzamelen Obama-vrijwilligers zich om voor de laatste keer swing state Virginia in te trekken en potentiële kiezers over te halen om naar de stembus te gaan. Iedereen die het terrein op komt word vrolijk begroet door de energieke student Taerik Khan. Hij is al sinds 2008 betrokken bij de campagne als lid van de Democratische partij in Washington D.C. Taerik heeft er zin in. “Vandaag mogen we nog één keer mensen uit hun bed bellen. Het voelt als Kerstmis: ik kon niet slapen vannacht.”
Robert Nicolas en Harry Richards rijden al twee maanden elk weekend samen Virginia in om te canvassen.
Robert Nicolas en Harry Richards staan gebroederlijk te wachten tot hun groep klaar is voor vertrek. “Doordeweeks werken we allebei voor een van de oudste zwarte kerken van Amerika, hier in Washington D.C. Al twee maanden rijden we elk weekend naar Virginia om daar te canvassen voor president Obama. Vandaag hebben we vrij genomen. Maar eigenlijk noemen we dit geen vrije dag, want we doen ander belangrijk werk.”
12:00
Het is spitsuur bij het field office te Arlington in swing state Virginia, een gemeente net buiten Washington D.C. Vanuit het vrijstaande huis dat recht tegenover het stembureau staat worden de Obama-vrijwilligers gecoördineerd. De campagnemedewerkers hebben hun kantoor naar buiten verplaatst; de zon schijnt fel. De tuin is uitbundig versierd met Amerikaanse vlaggen, voor de veranda staat een levensgrote, kartonnen president Obama.
Emily en Josh praten bij het field office met mensen die net hebben gestemd.
In het midden van de tuin staat een grote tafel vol met eten. Het is lunchtijd. Vrijwilligers Emily en Josh Niuhausin (beiden net hun rechtenstudie afgerond) eten tevreden een bagel met roomkaas. “We belden net aan bij een gehandicapte vrouw die niet zelfstandig kon gaan stemmen. Toen hebben we het hoofdkantoor gebeld. Zij beloofden haar een lift te geven naar het stembureau. Hieraan merk je wel dat de Obama-campagne heel goed georganiseerd is. En we worden goed verzorgd. Ze zijn ons erg dankbaar, dat merk je wel”, aldus Josh, terwijl hij met een kop koffie in zijn hand met buurtbewoners praat die onderweg zijn naar het stembureau.
17:30
Het is druk bij The White House Gift Shop, vlakbij het Witte Huis in Washington. Anderhalf uur voordat de stembussen dicht gaan staat de winkel vol met mensen die op zoek zijn naar souvenirs: buttons, foto’s, stickers en vooral veel t- shirts gaan over de toonbank. “Mevrouw, u heeft geluk”, zegt een medewerkster tegen een toerist die met een shirt van Mitt Romney in haar handen staat. “Dat shirt was al afgeprijsd naar $7,50. Maar u mag hem voor $2,50 meenemen”, zegt de verkoopster terwijl ze verder gaat met het afprijzen van de shirts. Aan de andere kant van de tafel liggen de t- shirts met het hoofd van Obama erop. Die kosten nog gewoon $15. “Waarom die nog niet afgeprijsd zijn? Ik ga toch geen zittende president afprijzen! Barack Obama is nog minstens tot 20 januari onze president. Als je een goedkoop Obama-shirt wil moet je misschien morgen terugkomen. Maar ik denk het niet”, zegt de manager van The White House Gift Shop lachend.
20:30
De eerste exit polls zijn bekend. Maar hoewel het onder Democraten populaire café Busboys and Poets in Washington politiek ademt, zijn er mensen die deze voorlopige uitslagen gemist hebben. De rij om er binnen te komen begint namelijk buiten. De bijbehorende boekenwinkel staat vol met mensen die wachten op een zitplaats. Lokale en internationale cameraploegen zoals ZDF lopen rond en interviewen de bezoekers. Serveersters, die allemaal Democratisch blauw dragen, moeten moeite doen om over de mensen heen te stappen die zittend op de grond de verkiezingsuitslag volgen. Wanneer de anchorman van het Democratisch georiënteerde MSNBC via het grote scherm meldt dat Obama de staat Vermont heeft gewonnen, barst er een luid gejuich los.
Aan een tafeltje rechts van het grote televisiescherm zit een groepje van acht mannen en vrouwen. Ze dragen allemaal Obama-Biden stickers en kijken fanatiek naar de uitslag. Opeens gebeurt er iets op het scherm. De staten waarin Obama waarschijnlijk heeft gewonnen verschijnen op het scherm: ‘Illinois, Maryland, Connecticut, Maine, Washington D.C.’ Er wordt opnieuw gejuicht. Wanneer de staten waarin Romney als winnaar wordt verwacht verschijnen, klinkt er een hard boe-geroep. Dan buigt de vrouw in het midden van de tafel zich over een wit papier. Met een blauwe markeerstift kleurt ze de staten waar president Obama wint in. “Wij doen het nog gewoon op de oldschool manier”, zegt ze lachend. Aan de andere kant van het café is geen plek meer om te zitten. Een internationaal drietal staat aan de bar naar een televisie te kijken. De één komt uit Australië, de anderen uit Denemarken en Amerika. Zijn ze zenuwachtig? De Amerikaan springt een paar keer op en neer en knikt dan instemmend. “Het is zó spannend, ik durf er echt nog niks over te zeggen. Maar ik ben al heel lang niet meer zo zenuwachtig geweest.”
Dit artikel is geschreven tijdens een VS-reportagereis in het kader van de Amerikaanse Verkiezingen en verscheen eerder op Post Washington.
Washington D.C., nog drie dagen tot de verkiezingen. In het politieke centrum van de Verenigde Staten lijkt nog geen enkel politiek spektakel te beleven – ja, er staan wat iconische witte gebouwen te stralen in de zon. Maar wie echt een glimp wil opvangen van de politieke betrokkenheid in Washington moet zich verzamelen op een vervallen parkeerterrein, drie metrohaltes verwijderd van het Witte Huis.
‘Is this Mitt Romney?’, vraagt de grijnzende bestuurder van een auto die het parkeerterrein op komt rijden. Demonstratief laat een van de team Obama-medewerkers de blauwe sticker op haar jas zien. De bestuurder toetert vrolijk, parkeert zijn auto en sluit achteraan in de rij. Binnen een half uur is het groepje wachtende mensen op het parkeerterrein gegroeid van tien naar ruim tachtig vrijwilligers, die allemaal hun vrije zaterdag opgeven om te gaan canvassen voor president Obama.
Een van die vrijwilligers is Tim, een overtuigd Democraat die zichzelf ook wel een ‘socialist’ durft te noemen. Hij werkt in Washington voor de Environmental Protection Agency, een organisatie die de regering van president Obama advies geeft over het te voeren milieubeleid. In zijn koperkleurige Toyota –‘ik gebruik eigenlijk altijd de fiets hoor’- rijdt hij naar Fairfax, een typisch Amerikaans dorpje buiten Washington in de belangrijke swing state Virginia.
Op zijn kentekenplaat staat ‘taxation without representation’, de slogan waaraan je auto’s uit Washington D.C. kunt herkennen. De inwoners van de stad betalen namelijk wel belasting, maar hun mening wordt niet vertegenwoordigd door middel van een zetel in de Senaat. De enige afgevaardigde uit D.C. voor het Huis van Afgevaardigden heeft geen stemrecht. Dit omdat het politieke centrum van Amerika geen politieke kleur hoort te hebben, volgens de grondwet. Om meer bij te kunnen dragen aan de verkiezingen rijden er vandaag dus tientallen mensen naar de aangrenzende staat Virginia.
De wijk die Tim krijgt toebedeeld verschilt op alle fronten van het Washington waar hij net vandaan komt. ‘Dit is nou de American Dream: iedereen z’n eigen huis, een eigen stukje land’, merkt hij een beetje cynisch op. Op veel perfecte gazons staan bordjes met daarop ‘Romney/Ryan’ of ‘Obama/Biden’.
In het huis dat bij het gazon met de meeste Obama-bordjes hoort krijgt Tim een canvass-training. ‘De meeste mensen bij wie je aanbelt zullen waarschijnlijk op Obama gaan stemmen. Als je toch een Romney-aanhanger tegenkomt, verspil je tijd dan niet. Je kunt ze toch niet overhalen’, aldus de instructrice, die een Obama-fleecevest draagt. ‘Vraag wanneer de persoon gaat stemmen en vooral ook op wie. Vergeet niet te benadrukken dat het ook heel belangrijk is om op Tim Kaine te stemmen, de Democratische kandidaat voor de Senaat in Virginia. En of hij of zij een lift naar het stembureau nodig heeft. Succes!’
De temperatuur ligt inmiddels rond het vriespunt in Fairfax. Toch begint Tim vrolijk aan de vijftig adressen die op de lijst staan. Voordat hij aanbelt spreekt hij de namen van de mensen die hij gaat spreken hardop uit, om te oefenen. ‘Moeilijke namen zijn het. Chinees, Indiaas, Spaans; er wonen hier erg veel immigranten. Ook dat is typisch Amerikaans’. Bij de eerste tien huizen waar hij aanbelt doet er niemand open. Ondertussen praat Tim honderduit over de politiek in zijn land. ‘Mijn broer en oom hebben een hekel aan Obama. Ze vinden hem een communist. Andersom heb ik geen hekel aan Romney, hoor. Ik ben het niet met hem eens, maar hij neigt meer naar het centrum dan je zou denken. Obama en Romney zijn het op een aantal vlakken zelfs met elkaar eens’, vindt hij.
Hoewel Tim nog nooit in zijn leven op een Republikeinse presidentskandidaat heeft gestemd, is hij ook kritisch op Obama. ‘De dingen die hij bereikt heeft op mijn vakgebied, het milieu, zijn niet echt noemenswaardig, daar moet ik eerlijk in zijn. Maar in het alternatief dat Mitt Romney heet heb ik al helemaal geen vertrouwen.’
Dan gaat er een deur open. ‘Hoi, ik ben een vrijwilliger voor president Obama’, zegt Tim vriendelijk. Vanuit de kamer klinkt gejuich. ‘Ik kom uit Maryland en heb al gestemd op Obama, he’s my man. Ik ben hier op visite, maar wat zou het mooi zijn als ik hier een tweede stem zou kunnen uitbrengen op Obama. Want dat verdient hij.’ Tim maakt een praatje in de woonkamer en loopt na vijf minuten tevreden naar buiten. ‘Het geeft mij echt een goed gevoel om Obama-stemmers te spreken. Hier doe ik het voor’.
Nadat hij met ruim tien enthousiaste Obama-stemmers heeft gesproken plakt Tim om half zeven verkleumd en moe een Obama-sticker op de bumper van zijn auto. Met zijn nieuw verkregen, kleine teken van politieke betrokkenheid boven zijn ‘taxation without representation’-kentekenplaat rijdt hij een half uur later Washington D.C. weer binnen.
Dit artikel is geschreven tijdens een VS-reportagereis in het kader van de Amerikaanse Verkiezingen en verscheen eerder op De Buitenlandredactie en Post Washington.
Over een maand vertrek ik naar Amerika om daar de verkiezingen te verslaan. De voorbereidingen zijn in volle gang. Maar kijk vooral naar dit pareltje. Bron: Washington Post.
Deze reportage is in het weekend voor het Sziget festival uitgezonden in Vier Zeven op radio 1.
Het Sziget Festival is een van de grootste muziekfestivals van Europa. Morgen begint ‘t in Hongarije en daar staan natuurlijk ook een paar Nederlandse acts… Bekende Nederlandse artiesten zoals de Heideroosjes, Jungle by Night en Caro Emerald staan klaar om Sziget plat te spelen.
Maar er is ook een vrij onbekende Nederlandse act die vanaf morgen op Sziget een show gaat weggeven. Wie dat zijn? Nathalie ging langs bij de laatste training van de ILL SKILL SQUAD voordat ze in de festivaltrein naar Sziget stapten…
‘Nathaliefde voor Sporters’ - een laatste ode.
‘Nathaliefde voor sporters’ - Laurens ten Dam
‘Nathaliefde voor sporters’. Een ode aan Epke Zonderland.
‘Nathaliefde voor sporters’
‘Nathaliefde voor sporters’
Deze sportzomer bracht ik elke week een ode aan mijn favoriete sporters op radio 1.
Reportage. Bevrijdingsdag vanuit een helikopter; een schoolreisje voor journalisten.
Reportage. Touwtrekken met Máxima? De wereldkampioenen touwtrekken uit Veenendaal zijn er klaar voor.
Reportage. ‘Voetbal kijken en er nog betaald voor krijgen ook. Dat is toch het mooiste wat er is!?’

Foto: Leonard Fäustle
De omvang van de namaakindustrie in Turkije is het afgelopen jaar verdubbeld. Het land wordt door een Turkse krant zelfs ‘Republiek van de namaak’ genoemd. De Europese Unie eist dat Turkije deze industrie de kop indrukt, maar daar lijkt de regering niets van te willen weten. Zo wordt de kans op EU-lidmaatschap aanzienlijk verkleind.
“Bijna elke winkel op de Grand Bazaar in Istanbul heeft een geheime showroom, maar die laten we nooit aan Turken zien”, zegt Mustafa terwijl hij één voor één de gloednieuwe namaaktassen met glimmende merklogo’s uit hun verpakking haalt. “Je weet hier niet wie je kunt vertrouwen. Zelfs mijn moeder, die mij af en toe op de Bazaar op komt zoeken, neem ik hier niet mee naartoe. Ik ben veel te bang dat ik word opgepakt. De enige die ik echt vertrouw is Allah.”
Tien minuten geleden stond Mustafa nog in zijn winkel in één van de drukke winkelstraatjes van de Grand Bazaar in Istanbul. Op de vraag of hij ook tassen van dure merken zoals Chanel of Louis Vuitton verkoopt, aarzelt hij even.
Spiegeldeur
“We hebben ze wel, maar op een geheime plek. Het verkopen van die merken is namelijk hartstikke illegaal. Af en toe komen er mensen in de winkel die doen alsof ze Turkse toeristen zijn. Dan vragen ze of onze tassen in Turkije zijn gemaakt. Maar ik heb dan meteen al door dat het undercover onderzoekers zijn, op zoek naar illegale spullen die ze in kunnen nemen.” Maar waar zijn die geheime verkoopruimtes dan? Even later loopt Mustafa zigzaggend door de smalle straatjes van de Grand Bazaar. Plotseling staat hij stil. Hij kijkt kort naar links, dan naar rechts en duwt met zijn rug tegen een onopvallende passpiegel. Het volgende moment staan we in een hokje van twee vierkante meter. De planken reiken tot wel drie meter hoog en zijn volgestouwd met honderden tassen. Het ruikt er naar leer. “Maar vertel niemand waar deze plek is, alsjeblieft”, zegt hij terwijl hij zijn ogen voortdurend op de spiegeldeur gericht houdt.
“Natuurlijk weten wij dat de verkopers op de Grand Bazaar geheime verkoopruimtes hebben, maar daar laten ze ons natuurlijk nooit toe”, zegt Isik Özdogan, een advocaat die gespecialiseerd is de namaakindustrie in Turkije en namens grote merkeigenaren rechtszaken aanspant tegen de illegale namaakpraktijken. Özdogan snapt niet waarom de Turkse regering de nepindustrie niet aanpakt. “De overheid loopt veel geld mis, omdat de verkopers van namaakproducten geen belasting betalen. Daarbij kan Turkije zich tegenover de EU verdedigen als we hier een einde maken aan deze praktijken. Maar het is natuurlijk een enorm groot probleem dat niet snel opgelost kan worden. Ik denk dat de prioriteiten van de regering nu ergens anders liggen, bij de problemen met de PKK bijvoorbeeld. We moeten erg veel geduld hebben.”
Volgens Nilufer Sapancilar hangt het stoppen van de namaakindustrie niet af van de Turkse regering, maar van de merken zelf. Sapancilar is directeur van React in Turkije, een Europese organisatie die samen met merkeigenaren en advocaten strijdt tegen de namaakindustrie. React vertegenwoordigt op dit moment zo’n veertig merken die actief tegen de namaakindustrie strijden.“De wetgeving op het gebied van de nepindustrie in Turkije sinds een paar jaar goed op orde. De wetten zijn hetzelfde of zelfs beter dan in andere landen. Maar wij kunnen alleen actie ondernemen wanneer een merk ons opdracht geeft om de imitatie van hun product tegen te gaan en de nepspullen op te sporen. Het stoppen van de nepindustrie hangt dus vooral af van de merken zelf”, aldus Sapancilar.
Successen
In december boekte de organisatie een groot succes in Turkije. In een fabriek vlakbij Istanbul werden bijna drie miljoen neplabels van grote merken gevonden die normaal in kledingstukken genaaid worden. “Zo zie je maar, vaak vinden merken het bestrijden van neplabels te veel tijd en vooral geld kosten, en dat klopt ook. Maar als ze het echt willen, dan kan het”, aldus Sapancilar.
Merken zoals Louis Vuitton, Chanel en Prada vind je niet zo snel meer in de winkels op de Grand Bazaar. Dat komt omdat deze merken actief de namaakindustrie bestrijden. Maar achter de geheime deuren van de Bazaar gaat de handel gewoon door. “Je moet je hoofd er altijd goed bijhouden, want wat wij doen is natuurlijk illegaal. Het is gevaarlijk en natuurlijk zijn we bang, maar toch doen we het”, zegt Mustafa. Hij werkt al zijn hele leven op de Grand Bazaar, net zoals de meeste andere verkopers. “Ik was 11 jaar toen mijn vader overleed. Toen ben ik hier aan het werk gegaan om geld te verdienen voor mijn moeder. Nu ben ik 31. Ik heb ook shawls, buikdanspakjes en mooi versierde lampjes verkocht, maar daar verdiende ik gemiddeld honderd euro per week mee. Daar kan ik niet van leven, omdat ik ook voor mijn moeder moet zorgen, en mijn twee zussen hebben ook geld nodig. In deze tassenwinkel verdien ik in de toeristische periodes gemiddeld duizend euro per week. Dat krijgen mensen die buiten de Bazaar werken bijna niet voor elkaar. Mijn zus werkt bij Philips, daar verdient ze minder dan ik.”
De wetten mogen dan wel op orde zijn volgens React, in de praktijk hebben deze nog niet zo veel effect. Wanneer een merk actie onderneemt en het komt tot een rechtszaak, dan mag negentig procent van de aangeklaagden met een waarschuwing weer naar huis. Want wanneer de verdachte belooft het niet opnieuw te zullen doen, gaat hij vrijuit. Als de verkoper dan de volgende keer weer betrapt wordt is de rechtbank minder mild, maar dat gebeurt niet vaak.
“De winkels die nepproducten verkopen zijn niet geregistreerd, dus het is moeilijk om ze nog een keer te betrappen. Dan zeggen ze gewoon dat de winkel van hun broer is en gaan ze nog een keer vrijuit”, zegt Kadir Karasu, directeur van Istanbul Investigation, een onderzoeksbureau dat de Turkse namaakmarkt onderzoekt en de producenten en verkopers van nepproducten opspoort. “Ons kantoor is ook een soort winkel”, zegt Karasu lachend, terwijl hij tientallen kastjes leeghaalt totdat zijn bureau vol ligt met parfums, panty’s, scheerschuim, horloges, tassen, cosmetica en zelfs viagrapillen; allemaal nep. Er zijn volgens hem twee soorten namaakproducten: imitaties van slechte kwaliteit, en de producten die niet van het origineel te onderscheiden zijn. “Wij hebben op de Grand Bazaar bijvoorbeeld spijkerbroeken met een Adidaslogo gevonden, terwijl Adidas helemaal geen spijkerbroeken maakt.”
Zelfs de mensen die bij de grote merken werkzaam zijn, weten de imitatieproducten niet van de echte te onderscheiden. “Toen de vertegenwoordiger van Calvin Klein ons kantoor bezocht liet ik hem twee tassen zien, de imitatie en het origineel. Hij was ervan overtuigd dat de namaaktas een echte Calvin Klein was.”
Verandering
Het afgelopen jaar verdubbelde de namaakindustrie in Turkije van drie naar zes miljard dollar. Hoe kan het toch dat de namaakmarkt zo opbloeit ondanks de EU-roep om verandering? Een van de hoofdstukken die moet worden afgesloten om in aanmerking voor toelating te komen gaat over deze nepindustrie. Maar een afgevaardigde van de Europese Delegatie in Ankara, die liever niet met haar naam in het artikel vermeld wil worden, ziet de toetreding tot de EU nog niet zo snel gebeuren. Ook tassenverkoper Mustafa denkt er zo over: “We worden toch niet toegelaten tot de Europese Unie. Maar als het wonder toch gebeurt, dan verandert alles. Dan halen we de merken gewoon van de producten af en verkopen we ze als normale tassen. De verkopers op de Bazaar zijn ook gelukkig zonder merken, het maakt ons niet uit. Dat heeft ook te maken met bewustzijn; als niemand hier meer namaaktassen verkoopt, dan koopt iedereen straks gewoon tassen zonder merk.”
Ook volgens de woordvoerder van de Europese Delegatie in Ankara moet er vooral iets veranderen in het bewustzijn van de Turken: “De Turkse regering zal dan beter samen moeten werken met de politie en de merkeigenaren op dit gebied om dit bewustzijn te creëren. Want nu vindt iedereen het in Turkije heel normaal om nepkleding, cosmetica en tassen te gebruiken. Als die samenwerking verbetert, zou er wel iets kunnen veranderen. Maar we moeten wel realistisch zijn. Toetreding tot de Europese Unie is in Turkije niet zo’n big issue meer en om dit probleem aan te pakken moet de regering echt de keuze maken om tegen de namaakindustrie op te treden. Dat gebeurt nu niet.”
Dit verhaal is geschreven in opdracht van Lokaal Mondiaal/Beyond Your World en eerder verschenen op VersPers.nl.
Reportage. Het wak in met The Iceman.
Loading posts...